Аrias
Duo's...
Opera's
Cantates
Componisten
Switch to English

Aria: Vieni, vieni fra questa braccia

Componist: Bellini Vincenzo

Opera: I puritani

Rol: Lord Arturo Talbot (Tenor)

Download gratis partituren: "Vieni, vieni fra questa braccia" PDF

ARTURO
Vieni, vieni fra queste braccia,
Amor, delizia e vita,
Vieni, non mi sarai rapita
Finchè ti stringo al cor.
Ad ogni istante ansante
Ti chiamo e te sol bramo.
Ah! vieni, vien, tel ripeto t'amo,
Ah, t'amo d'immenso amore.

ELVIRA
Caro, caro, non ho parola
Ch'esprima il mio contento;
L'alma elevar mi sento
In estasi d'amor.
Ad ogni istante ansante
Ti chiamo e te sol bramo,
Ah! caro, vien, tel ripeto, t'amo,
T'amo d'immenso amore,
Sì, tel ripeto, sentilo, Artur, dal mio cor.

ARTURO
Sì, mel ripeti, ah! mio ben!
Ad ogni istante ansante
Ti chiamo e te sol bramo!

ELVIRA
Ad ogni istante ansante, ecc

ARTURO
Ah! mio ben!

ELVIRA
Ah! mio Arturo!

ARTURO
Sempre uniti!

ELVIRA
Sempre insieme!

ARTURO
Sempre insieme!

ELVIRA
Dunque m'ami, mio Arturo, sì!
Caro, caro, non ho parola
Ch'esprima il mio contento, ecc.

ARTURO
Vieni fra queste braccia,
Amor, delizia, e vita, ecc.

ELVIRA
Ad ogni instante ansante
Ti chiamo e te sol bramo.

ELVIRA, ARTURO
Ah! deh! vieni, vien, ti ripeto, t'amo,
T'amo d'immenso amore, ecc.

ELVIRA
Mio ben!

ARTURO
Mia vita!

ELVIRA, ARTURO
Sempre con te vivrò d'amor !

Al suono del tamburo mostra Elvira una fisonomia alterata ed una espressione di derisione.

ARTURO
s'agita e va a spiare
Ancor s'ascolta questo suon molesto.
I miei nemici!

ELVIRA
comincia a vacillare
Sì, quel suono funesto;
Io conosco quel suon … ma tu non sai
Che più nol temo,
Ah! no, io più nol temo ormai.
Arturo cominicia a turbarsi sorpreso dal parlare di Elvira.
Nella mia stanza
Squarciai quel vel di cui ornò sua testa,
Calpestai le sue pompe … ed all'aurora …
Con me tu ancora
Verrai a festa, a danza?

ARTURO
O Dio! che dici?

ELVIRA
Così come tu mi guardi,
Mi guardan essi, e intender non sanno
Il mio parlar … il duol, l'affanno!

ARTURO
spaventato dallo stato di follia che investe Elvira
O, ti scuoti … o ciel!
Vageggi!

Tu vedrai la sventurata. Gualtiero. Il pirata. BelliniCredeasi, misera. Lord Arturo Talbot. I puritani. BelliniPrendi: I'anel ti dono. Elvino. La sonnambula. BelliniMeco all'altar di Venere… Me protegge, me difende. Pollione. Norma. BelliniSprezzo, audace, il tuo furore. Lord Arturo Talbot. I puritani. BelliniPer te di vane lagrime. Gualtiero. Il pirata. BelliniA te, o cara, amor talora. Lord Arturo Talbot. I puritani. BelliniÈ serbato, a questo acciaro. Tebaldo. I Capuleti e i Montecchi. BelliniSon salvo...La mia canzon d'amore…Ad altro lato. Lord Arturo Talbot. I puritani. BelliniAll'udir del padre afflitto… Odo il tuo pianto. Fernando. Bianca e Fernando. Bellini
Wikipedia
I puritani (De puriteinen) is een opera in drie bedrijven van Vincenzo Bellini, voor het eerst uitgevoerd aan het Théâtre-Italien in Parijs op 24 januari 1835. Het libretto is van Graaf Carlo Pepoli, gebaseerd op Têtes rondes et Cavaliers van Jacques-François Ancelot en Joseph Xavier Saintine. In dezelfde tijd componeerde Bellini een alternatieve versie, bedoeld voor Maria Malibran, die het in Napels zong. Deze versie werd niet uitgevoerd tot 10 april 1986 aan het Teatro Petruzzelli in Bari.
Een fort nabij Plymouth, geleid door Lord Gualtiero Valton
Bij het aanbreken van de dag kijken de soldaten van de Roundheads uit naar de overwinning over de Royalisten. Riccardo was Elvira's hand toegezegd door Lord Valton maar, terugkerend naar Plymouth, ontdekt hij dat ze verliefd is op Arturo (een Royalist), en hem zal huwen. Hij neemt Bruno in vertrouwen ("Ah! Per sempre ... Bel sogno beato").
In Elvira's kamer onthult Giorgio dat hij het was die Lord Valton overhaalde om aan Elvira's wens tegemoet te komen. Zij is overgelukkig.
Arturo komt aan voor het huwelijk en viert zijn nieuw gevonden geluk ("A te, o cara"). Valton moet een mysterieuze dame (ervan verdacht een Royalistische spion te zijn) laten verschijnen voor het parlement. Arturo ontdekt dat zij Enrichetta is, weduwe van de terechtgestelde Koning Karel I. Elvira verschijnt en zingt een vrolijke polonaise ("Son vergin vezzosa"), maar laat haar bruidssluier vallen als zij vertrekt om zich gereed te maken voor het huwelijk. Arturo gebruikt de sluier om Enrichetta te vermommen als Elvira om haar zo te laten ontsnappen. Onderweg komen ze Riccardo tegen, en, wanneer hij ontdekt dat de vrouw bij Arturo niet Elvira is, is hij verheugd hem te laten passeren. Wanneer de ontsnapping wordt ontdekt gelooft Elvira dat zij in de steek is gelaten en verliest zij haar verstand ("Oh, vieni al tempio, fedele Arturo").
Een ander deel van het fort
Giorgio beschrijft Elvira's waanzin ("Cinta di fiori"). Riccardo brengt het nieuws dat Arturo voortvluchtig is die ter dood is veroordeeld vanwege het feit dat hij Enrichetta heeft laten ontsnappen. Elvira verschijnt, nog steeds in de war maar verlangend naar Arturo ("Qui la voce ...Vien, diletto"). Giorgio en Riccardo twisten over de vraag of Arturo’s dood zal betekenen dat Elvira van verdriet zal sterven, maar uiteindelijk komen zij overeen dat hij moet sterven wanneer hij vechtend voor de Royalisten in de dreigende slag wordt gevonden ("Il rival salvar tu dei ... Suoni la tromba").
Het platteland nabij het fort, drie maanden later
Arturo is nog steeds voortvluchtig, maar is wedergekeerd om Elvira te ontmoeten. Hij hoort haar zingen ("A una fonte afflitto e solo") en zij worden verenigd ("Vieni fra le mie braccie"). Elvira vreest echter dat zij opnieuw worden gescheiden, en wanneer Riccardo aankomt, met Giorgio en de soldaten, om Arturo’s doodvonnis aan te kondigen, komt ze uiteindelijk tot haar zinnen. Een ensemble ("Credeasi, misera") ontwikkelt zich – gedurende welke de ongebruikelijke hoge noot van een F boven de hoge C wordt vereist van Arturo – en zelfs Riccardo is aangedaan door de toestand van de minnaars. De soldaten verlangen Arturo's executie, maar het woord wordt verspreid dat, hoewel de Royalisten zijn overwonnen, Oliver Cromwell alle gevangenen gratie heeft verleend. De minnaars worden uiteindelijk voor goed verenigd.
Adelson e Salvini (1825) · Bianca e Fernando (1826) · Il pirata (1827) · La straniera (1829) · Zaira (1829) · I Capuleti e i Montecchi (1830) · La sonnambula (1831) · Norma (1831) · Beatrice di Tenda (1833) · I puritani (1835)