Аrias
Duo's...
Opera's
Cantates
Componisten
Switch to English

Aria: Son Pereda son ricco d'onore

Componist: Verdi Giuseppe

Opera: La forza del destino

Rol: Don Carlo (Bariton)

Download gratis partituren: "Son Pereda son ricco d'onore" PDF
CARLO
Lo vuoi saper? Ecco l'istoria mia.
Son Pereda, son ricco d'onore,
Baccelliere mi fe' Salamanca;
Sarò presto in utroque dottore,
Che di studio ancor poco mi manca.
Di là Vargas mi tolse da un anno,
Ed a Siviglia con sé mi guidò.
Non astenne Pereda alcun danno,
Per l'amico il suo core parlò.
Della suora un amante straniero
Colà il padre gli avea trucidato,
Ed il figlio, da pro' cavaliero,
La vendetta ne aveva giurato;
Gl'inseguimmo di Cadice in riva,
Né la coppia fatal si trovò.
Per l'amico Pereda soffriva,
Che il suo core per esso parlò.
Là e dovunque narrar che del pari
La sedotta col vecchio peria,
Che a una zuffa tra servi a sicari
Solo il vil seduttore sfuggìa.
Io da Vargas allor mi staccava,
Ei seguir l'assassino giurò.
Verso America il mare solcava,
E Pereda ai suoi studi tornò!

TUTTI
Truce storia Pereda narrava!
Generoso il suo core mostrò.
La sua lampada vitale. Francesco. I masnadieri. VerdiMina, pensai che un angelo. Egberto. Aroldo. VerdiInfelice!..e tuo credevi. Don Ruy Gomez de Silva. Ernani. VerdiDi Provenza il mar. Giorgio Germont. La traviata. VerdiAlla vita che t'arride. Renato. Un ballo in maschera. VerdiAlfin questo Corsaro… Cento leggiadre vergini. Seid. Il corsaro. VerdiO lieto augurio. Macbeth. Macbeth. VerdiSo che per via dei triboli. Giacomo. Giovanna d'Arco. VerdiÈ sogno? o realtà. Ford. Falstaff. VerdiFranco son io. Giacomo. Giovanna d'Arco. Verdi
Wikipedia
La forza del destino (De kracht van het noodlot) is een opera van Giuseppe Verdi op een Italiaans libretto geschreven door Francesco Maria Piave, gebaseerd op een Spaans drama, Don Alvaro o La Fuerza de Sino (1835) van Ángel de Saavedra, Duque de Rivas en een scène uit Friedrich Schillers Wallensteins Lager.
De opera werd voor het eerst uitgevoerd in het Bolsjojtheater in Sint-Petersburg, Rusland, op 10 november 1862.
Na enkele herzieningen volgden in 1863 uitvoeringen in Rome (als Don Alvaro) en in Madrid (in het bijzijn van de hertog van Rivas, de schrijver van het toneelstuk) en daarna in New York, Wenen (1865), Buenos Aires (1866) en Londen (1867).
Verdi maakte nog een aantal wijzigingen en Antonio Ghislanzoni een aantal aanvullingen. De hierdoor ontstane versie, die haar première beleefde in het Teatro alla Scala in Milaan op 27 februari 1869, is uiteindelijk de standaard geworden die tegenwoordig wordt uitgevoerd. De belangrijkste wijzigingen waren een nieuwe ouverture (als vervanging van een korte prelude) en de toevoeging van een laatste scène in het derde bedrijf, na het duel tussen Carlos en Alvaro en ten slotte een nieuw slot, waarin Alvaro blijft leven in plaats van zichzelf van de rotsen te gooien.
Het landhuis van Leonora's familie in Sevilla
Don Alvaro is een jonge edelman uit Zuid-Amerika (vermoedelijk uit Peru); hij is deels Indiaans en heeft zich gevestigd in Sevilla, waar er helaas niet al te goed over hem wordt gedacht. Hij wordt verliefd op Donna Leonora, de dochter van de Markies van Calatrava, die, ondanks dat hij veel van zijn dochter houdt, er op staat dat zij alleen een man van de allerhoogste standing zal trouwen. Leonora, die smoorverliefd is op Alvaro, en de aversie van haar vader kent, besluit er met Alvaro vandoor te gaan, daarbij geholpen door haar vertrouwelinge, Curra. Onverwacht komt haar vader binnen en ontdekt Alvaro; hij bedreigt hem met de dood, en Alvaro biedt, om elke schijn te vermijden en de reputatie van Leonora hoog te houden, aan zich over te geven. Hij gooit zijn pistool weg, dat daarbij helaas per ongeluk afgaat en de markies dodelijk gewond raakt; terwijl hij sterft vervloekt de markies zijn dochter.
Eerste scène: Een herberg in het dorp Hornachuelos
De vlucht van Leonora en Alvaro is mislukt: ze zijn elkaar kwijtgeraakt. Enkele boeren, ezeldrijvers en venters, en Don Carlos di Vargas, de broer van Doña Leonora, hebben zich verzameld in de keuken van de herberg. Don Carlos, vermomd als een student uit Salamanca, met als fictieve naam Pereda, is uit op wraak tegen Alvaro en Leonora. Tijdens het late avondeten voorspelt Preziosilla, een jonge zigeunerin, de jonge mannen de toekomst en moedigt hen allen aan in dienst te gaan om de vrijheid van Italië te verdedigen. Leonora, verkleed als man komt tegenover haar broer te staan, maar hij herkent haar niet; zonder ontdekt te worden door Carlos weet ze te ontkomen.
Tweede scène: Een klooster in de buurt
Leonora vlucht naar een klooster waar ze de abt, vader Guardiano haar ware naam vertelt; ze wil de rest van haar leven als kluizenaarster doorbrengen nu ze denkt dat Alvaro haar in de steek heeft gelaten. Na een ritueel kan ze een onderkomen bij het klooster betrekken. Degene die bij haar in de buurt komt zal getroffen worden door verdoemenis en getroffen door een vloek van de abt..
Eerste scène: Een bos in de buurt van Velletri in Italië
Don Alvaro heeft ondertussen dienst genomen in het Spaanse leger, onder valse naam, als Don Federico Herreros. Op zekere nacht redt hij het leven van Don Carlos die in hetzelfde leger vecht als Don Felix Bornos. Ze raken bevriend en vechten zij aan zij.
Tweede scène: Het verblijf van de officieren.
In een van de gevechten raakt Don Alvaro, zo denkt hij, dodelijk gewond waarop hij Don Carlos in vertrouwen neemt en hem een koffer geeft met daarin een bundel brieven die deze moet vernietigen wanneer Don Alvaro sterft. Don Carlos heeft gezworen dat hij de inhoud van de brieven niet zal lezen, maar hij krijgt wantrouwen en opent de koffer toch, en vindt de foto van zijn zuster; hij realiseert zich wie Alvaro in werkelijkheid is. Op dat moment laat de chirurg weten dat Don Alvaro zal herstellen van zijn verwondingen. Don Carlos is vervuld van vreugde over het idee dat hij de dood van zijn vader kan wreken.
Derde scène: Een kamp in de buurt van het strijdtoneel
De herstelde Alvaro wordt door Don Carlos geconfronteerd met de waarheid. Zij beginnen met een duel, maar worden door de soldaten uit elkaar getrokken. Terwijl de soldaten Don Carlos tegenhouden zweert de aangeslagen Don Alvaro in het klooster te zullen treden.
De soldaten verzamelen zich. Trabucco, een venter, probeert zijn waren te verkopen. Fra Melitone steekt een preek af. (red.: dit is een parafrase van de donderpreek uit Schillers Wallensteins Lager). Hij vindt echter geen gehoor.
Eerste scène: Het klooster
Don Alvaro is in het klooster getreden en zeven jaar zijn verstreken. Don Carlos is voortdurend op zoek geweest naar Alvaro, die nu leeft onder de naam van vader Raphael, en heeft hem ten slotte gevonden. Zijn wraakzucht is onveranderd gebleven en hij daagt Alvaro uit voor een duel..
Tweede scène: Een verlaten plek in de buurt van Leonora's hermitage
Leonora bidt dat ze vrede mag vinden in de dood. Alvaro stormt binnen, roepend om hulp, nadat hij Carlos in de tweestrijd dodelijk heeft verwond. De geliefden herkennen elkaar, maar Leonora wordt door haar stervende broer neergestoken. Met de zegen van pater Guardano sterft ze in Alvaro’s armen. (in de eerste versie van de opera stort Alvaro zich daarop in een afgrond).
Oberto (1839) · Un giorno di regno (1840) · Nabucco (1842) · I Lombardi alla prima crociata (1843) · Ernani (1844) · I due Foscari (1844) · Giovanna d'Arco (1845) · Alzira (1845) · Attila (1846) · Macbeth (1847) · I masnadieri (1847) · Jérusalem (1847) · Il corsaro (1848) · La battaglia di Legnano (1849) · Luisa Miller (1849) · Stiffelio (1850) · Rigoletto (1851) · Il trovatore (1853) · La traviata (1853) · Les vêpres siciliennes (1855) · Simon Boccanegra (1857) · Aroldo (1857) · Un ballo in maschera (1859) · La forza del destino (1862) · Don Carlos (1867) · Aida (1871) · Otello (1887) · Falstaff (1893)