Аrias
Duo's...
Opera's
Cantates
Componisten
Switch to English

Aria: Udite, udite, o rustici

Componist: Donizetti Gaetano

Opera: L'elisir d'amore

Rol: Doctor Dulcamara (Bas)

Download gratis partituren: "Udite, udite, o rustici" PDF

SCENA QUINTA
Dottore Dulcamara sopra un carro dorato, in piedi,
avendo in mano delle carte e delle bottiglie. Dietro
ad esso un servitore che suona la tromba. Tutti i
Paesani lo circondano


DULCAMARA
Udite, udite, o rustici;
Attenti, non fiatate.
Io già suppongo e imagino
Che al par di me sappiate
Ch'io sono quel gran medico,
Dottore enciclopedico
Chiamato Dulcamara,
La cui virtù preclara,
E i portenti infiniti
Son noti all'universo ... e in altri siti.
Benefattor degli uomini,
Riparator de' mali,
In pochi giorni io sgombero,
Io spazzo gli ospedali,
E la salute a vendere
Per tutto il mondo io vo.
Compratela, compratela,
Per poco io ve la do.
È questo l'odontalgico
Mirabile liquore,
Dei topi e delle cimici
Possente distruttore.
I cui certificati
Autentici, bollati
Toccar, vedere e leggere
A ciaschedun farò.
Per questo mio specifico,
Simpatico, prolifico,
Un uom settuagenario
E valetudinario,
Nonno di dieci bamboli
Ancora diventò.
Per questo «Tocca e sana»
In breve settimana
Più d'un'afflitta vedova
Di piangere cessò.
O voi matrone rigide,
Ringiovanir bramate?
Le vostre rughe incomode
Con esso cancellate.
Volete voi, donzelle,
Ben liscia aver la pelle?
Voi, giovani galanti,
Per sempre aver amanti?
Comprate il mio specifico,
Per poco io ve lo do.
Ei muove i paralitici;
Spedisce gli apopletici,
Gli asmatici, gli asfitici,
Gl'isterici, i diabetici,
Guarisce i timpanitidi,
E scrofole e rachitidi,
E fino il mal di fegato
Che in moda diventò.
Comprate il mio specifico,
Per poco io ve lo do.
L'ho portato per la posta
Da lontano mille miglia,
Mi direte: quanto costa?
Quanto vale la bottiglia?
Cento scudi? ... trenta? ... venti? ...
No ... nessuno si sgomenti.
Per provarvi il mio contento
Di sì amico accoglimento,
Io vi voglio, o buona gente,
Uno scudo regalar.

CORO
Uno scudo veramente?
Più brav'uom non si può dar.

DULCAMARA
Ecco qua: così stupendo,
Sì balsamico elisire,
Tutta Europa sa ch'io vendo
Niente men di nove lire:
Ma siccome è pur palese,
Ch'io son nato nel paese,
Per tre lire a voi lo cedo:
Sol tre lire a voi richiedo;
Così chiaro è come il sole,
Che a ciascuno che lo vuole
Uno scudo bello e netto
In saccoccia io faccio entrar.
Ah! di patria il caldo affetto
Gran miracoli può far.

CORO
È verissimo: porgete.
Gran dottore che voi siete!
Noi ci abbiam del vostro arrivo
Lungamente a ricordar.
Vieni! la mia vendetta. Alfonso d'Este. Lucrezia Borgia. DonizettiBello ardir di congiurati... Fosca notte, notte orrenda. Faliero. Marino Faliero. DonizettiElla è un giglio di puro candore. Marchese. Linda di Chamounix. DonizettiAmbo nati in questa valle. Antonio. Linda di Chamounix. DonizettiAh, un foco insolita. Don Pasquale. Don Pasquale. DonizettiMo che si scopierto a vamma. Monsieur Piquet. Il giovedì grasso. DonizettiDio tremendo onnipossente. Noè. Il diluvio universale. DonizettiDalle stanze, ove Lucia. Raimondo Bidebent. Lucia di Lammermoor. DonizettiCredi che dorma, o incanto. Mocenigo. Caterina Cornaro. DonizettiAh, cedi, cedi!. Raimondo Bidebent. Lucia di Lammermoor. Donizetti
Wikipedia
L'elisir d'amore (Het liefdeselixer) is een opera in twee bedrijven van de Italiaanse componist Gaetano Donizetti. Felice Romani schreef het Italiaanse libretto. De première was in het Teatro della Canobbiana, te Milaan op 12 mei 1832.
L'elisir d'amore is een van Donizetti's meest uitgevoerde opera's en bevat onder andere de beroemde aria Una furtiva lagrima (Een verholen traan).
Bij de opening van deze komische opera ziet men Nemorino, een arme boer, die zijn hart heeft verloren aan Adina, een mooie landeigenaresse, die Nemorino kwelt door haar onverschilligheid. Wanneer Nemorino hoort dat Adina het verhaal van Tristan en Isolde voorleest aan haar arbeiders, is hij ervan overtuigd dat een magisch liefdeselixer hem zal helpen Adina te veroveren. Nemorino is bang dat Adina valt voor de verwaande sergeant Belcore die met zijn regiment ten tonele verschijnt en Adina en publique een huwelijksaanzoek doet. Later arriveert de rondreizende kwakzalver, dokter Dulcamara, die tracht zijn gebottelde 'allesgenezer' aan de dorpsbewoners te slijten. Nemorino vraagt Dulcamara of hij zoiets heeft als Isoldes liefdeselixer. Dulcamara zegt een dergelijk elixer te hebben en het te willen verkopen voor de inhoud van Nemorino's zakken. Nemorino weet echter niet dat de fles slechts wijn bevat en om een veilige aftocht te garanderen, vertelt Dulcamara hem dat het elixer niet zal werken tot de volgende dag. Wanneer Nemorino dan van het 'elixer' drinkt, voelt hij direct de effecten en vol goede moed treft hij Adina, ook al plaagt zij hem meedogenloos. Het publiek bemerkt dat de aantrekkingskracht wellicht wederzijds is, ware het niet voor het huwelijksaanzoek van de indrukwekkende en pompeuze sergeant met wie zij over zes dagen in het huwelijk zal treden. Nemorino is zo overtuigd van de werking van het elixer, dat hij zich onverschillig gedraagt jegens Adina. Dit brengt haar van haar stuk, maar zij tracht haar gevoelens te verhullen. Daarentegen verhoogt zij de inzet door in te gaan op het voorstel van sergeant Belcore om direct te trouwen, daar hij orders heeft gekregen om met het regiment de volgende morgen te vertrekken. Zowel Adina als de sergeant peilen Nemorino's reactie op dit nieuws, de sergeant met animositeit, Adina met wanhoop. Nemorino is in alle staten en roept wederom de hulp van dokter Dulcamara in.
Adina's bruiloft is in volle gang. Dokter Dulcamara zingt samen met Adina een lied om de gasten te vermaken. Adina is bedroefd te zien dat Nemorino nog niet is verschenen wanneer de notaris arriveert en iedereen naar binnen gaat om het huwelijkscontract te ondertekenen. Dulcamara blijft buiten om zichzelf te voeden en te laven. Dan komt Nemorino ten tonele, hij heeft de notaris gezien en realiseert zich dat hij Adina kwijt is. Wanneer hij de dokter ziet en hem smeekt om meer elixer, weigert de dokter, daar Nemorino hem niet kan betalen, en laat Nemorino alleen achter wanneer hij naar binnen gaat. De sergeant verschijnt, alleen, zich luid afvragend waarom Adina plotseling de trouwceremonie en het ondertekenen van het huwelijkscontract heeft uitgesteld. Nemorino merkt dan zijn rivaal op, maar is niet bij machte iets te ondernemen. De sergeant vraagt naar de reden van Nemorino's neerslachtigheid. Wanneer Nemorino hem vertelt dat hij geen geld heeft, stelt Belcore hem voor om bij het leger te gaan; hij zal direct betaald worden. Belcore stelt een contract op dat Nemorino ondertekent met een X in ruil voor het geld dat hij meteen krijgt. Nemorino neemt zich voor om bij Dulcamara meer liefdeselixer te halen, terwijl Belcore overpeinst hoe hij zo gemakkelijk van zijn rivaal wist af te komen door hem naar de oorlog te sturen.
Later die avond roddelen de dorpsvrouwen over Nemorino, hij weet nog niet dat hij een groot fortuin van een overleden oom heeft geërfd. Ze zien Nemorino, die duidelijk zijn eerste militaire loon heeft gespendeerd en geconsumeerd, opnieuw aan wijn, die door moet gaan voor liefdeselixer. De vrouwen benaderen Nemorino en begroeten hem uiterst vriendelijk; zo was hij nog nooit benaderd door vrouwen. Voor Nemorino is dat het bewijs dat deze dosis liefdeselixer heeft gewerkt. Adina ziet dat Nemorino in een goede bui is en Dulcamara vraagt hoe Nemorino in deze gemoedstoestand is geraakt. Dulcamara, die niet weet dat het Adina's hart is dat Nemorino voor zich wil winnen, vertelt over de smoorverliefde man die zijn laatste cent heeft gespendeerd aan elixer en zelfs bij het leger is gegaan om zo aan geld te komen, zo wanhopig, om de liefde van een onbekende wrede schoonheid te verkrijgen. Adina realiseert zich direct Nemorino's oprechtheid en betreurt dat zij hem zo heeft geplaagd.
Nemorino zit te peinzen, denkend aan een traan die hij zag in Adina's ogen toen hij haar eerder negeerde. Die ene traan overtuigt hem dat Adina van hem houdt. Wanneer Adina hem benadert en hem vraagt waarom hij heeft besloten om bij het leger te gaan, zegt hij dat hij een beter leven zoekt. Adina zegt hem dat hij geliefd is en dat zij het contract heeft afgekocht van Sergeant Belcore. Zij biedt Nemorino het geannuleerde contract aan, als hij het aanneemt is hij een vrij man. Adina zegt hem dat, wanneer hij blijft, hij niet langer meer neerslachtig zal zijn. Wanneer hij het contract aanneemt van Adina, draait zij zich om om weg te gaan. Nemorino denkt dat zij hem verlaat en verliest direct alle hoop. Hij belooft zichzelf dat, als hij niet geliefd is, het elixer niet heeft gewerkt, de dokter hem voor de gek heeft gehouden, dat hij alsnog zal vertrekken en zal sterven als een soldaat. Adina houdt hem tegen en bekent dat zij van hem houdt. Nemorino is in extase en Adina smeekt hem om vergiffenis dat zij hem zo had geplaagd. Hij vergeeft haar met een kus. De sergeant geeft het op, er zijn genoeg andere vrouwen in de wereld. Dulcamara die zijn bagage heeft gepakt en op het punt staat om te vertrekken, verschijnt in de deuropening en zegt dat hij vol gaarne de sergeant voorziet van liefdeselixer. Een menigte heeft zich verzameld bij het uitzwaaien van de dokter en allen zijn zij het er over eens, het liefdeselixer heeft gewerkt.
Opmerking: "Cat:" staat voor catalogusnummer van de maatschappij.
Il Pigmalione (1816) · Enrico di Borgogna (1818) · Pietro il grande (1819) · Zoraida di Granata (1822) · La zingara (1822) · Alfredo il grande (1823) · L'ajo nell'imbarazzo (1824) · Emilia di Liverpool (1824) · Alahor in Granata (1826) · Elvida (1826) · Gabriella di Vergy (1826) · Olivo e Pasquale (1827) · Otto mesi in due ore (1827) · L'esule di Roma (1828) · Alina, regina di Golconda (1828) · Gianni di Calais (1828) · Il castello di Kenilworth (1829) · Il diluvio universale (1830) · Imelda de' Lambertazzi (1830) · Anna Bolena (1830) · Le convenienze ed · inconvenienze teatrali (1831) · Gianni di Parigi (1831) · Francesca di Foix (1831) · Fausta (1832) · Ugo, conte di Parigi (1832) · L'elisir d'amore (1832) · Sancia di Castiglia (1832) · Parisina (1833) · Torquato Tasso (1833) · Lucrezia Borgia (1833) · Rosmonda d'Inghilterra (1834) · Gemma di Vergy (1834) · Marino Faliero (1835) · Maria Stuarda (1835) · Lucia di Lammermoor (1835) · Belisario (1836) · Il campanello (1836) · Betly, o La capanna svizzera (1836) · L'assedio di Calais (1836) · Roberto Devereux (1837) · Maria de Rudenz (1838) · Poliuto (1838) · Pia de' Tolomei (1838) · Le duc d'Albe (1839) · La fille du régiment (1840) · La favorita (1840) · Adelia (1841) · Rita (1841) · Maria Padilla (1841) · Linda di Chamounix (1842) · Caterina Cornaro (1844) · Don Pasquale (1843) · Maria di Rohan (1843) · Dom Sébastien (1843)