Аrias
Duo's...
Opera's
Cantates
Componisten
Switch to English

Aria: Flickor skynden er

Componist: Berwald Franz

Opera: Estrella de Soria

Rol: Diego (Bariton)

Download gratis partituren: "Flickor skynden er" PDF
Tremate, o miseri. Francesco. I masnadieri. VerdiDi Provenza il mar. Giorgio Germont. La traviata. VerdiMahomet, notre grand prophète. Le Chef de la Caravane. La rencontre imprévue. GluckO rimembranze. Arnoldo. I Lituani. PonchielliMab, la reine des mensonges. Mercutio. Roméo et Juliette. GounodDagl'immortali vertici. Ezio. Attila. VerdiCease to Beauty to be Suing. Polyphemus. Aci, Galatea e Polifemo. HändelI destini del soldato. Max. Betly. DonizettiÈ sogno? o realtà. Ford. Falstaff. VerdiIl balen del suo sorriso... Per me ora fatale. Il Conte di Luna. Il trovatore. Verdi
Wikipedia
Franz Adolf Berwald (Stockholm, 23 juli 1796 – aldaar, 3 april 1868) was een Zweedse componist, muziekpedagoog en violist.
Franz Berwald werd geboren in een Zweeds muzikantengezin van Duitse herkomst. Zijn vader Christian Friedrich Georg Berwald (1740-1825) was leerling van Franz Benda te Berlijn en van 1773 tot 1806 violist in de kapel van het Koninklijke Huis te Stockholm; zijn broer Christian August Berwald (1798-1869) was eveneens violist en componeerde ook. Zijn neef Johan Fredrik Berwald (1787-1861) was dirigent en eveneens componist. Franz Berwald ontving de eerste vioollessen bij zijn vader en studeerde compositie bij Édouard Dupuy. Van 1821 tot 1828 was hij met twee onderbrekingen violist (later altviolist) in de kapel van het Koninklijk Theater.
De meeste vroege composities van Berwald zijn zoekgeraakt of ze zijn door hem zelf vernietigd. In zijn werken waren naar de mening van de Zweden te gedurfde harmonieën verwerkt en ze wezen de composities af. Toen zijn broer Christian August in 1821 zijn Vioolconcert ten gehore bracht, barstte het publiek zelfs in lachen uit tijdens het langzame deel. Na nog meer teleurstellingen in Zweden ging hij 1829 naar Berlijn. Daar werkte hij als orthopeed en stichtte in 1835 een orthopedisch instituut. In 1841 ging hij naar Wenen en huwde daar Mathilde Scherer. Daar schreef hij ook zijn bekendste werken, de vier symfonieën en zijn symfonische gedichten.
Ook na zijn terugkeer naar Stockholm in 1842 werd hij door de zeer conservatieve Zweedse muziekwereld teleurgesteld. Slechts een van zijn symfonieën heeft hij in zijn vaderland gehoord, de Sinfonie sérieuse. Maar de uitvoering onder zijn neef Johan Fredrik Berwald was naar zijn opvatting miserabel. Van 1846 tot 1849 maakte hij een reis door Europa. In Parijs had hij geen succes, wel werd hij in 1847 erelid van de bekende Universität für Musik und Darstellende Kunst "Mozarteum" Salzburg in Salzburg.
Na zijn terugkeer in Zweden heeft hij 15 jaar moeten wachten op een baan in het Zweedse muziekonderwijs. In deze periode was hij directeur van een glasfabriek en schreef vooral veel kamermuziek. In 1864 werd hij lid van de Koninklijke muziekacademie en in 1866 werd hij drager van de Nordstjärneorden (Orde van de Poolster) als erkenning van zijn muzikale prestaties. In 1867, één jaar voor zijn dood, werd hij na veel tegenwerking professor voor compositie. Pas na persoonlijk ingrijpen van de Zweedse koninklijke familie werd deze benoeming bekrachtigd. Hij kreeg eindelijk erkenning, maar eigenlijk te laat: aan de vele opdrachten voor composities die hij nu kreeg, kon hij door zijn dood ten gevolge van longontsteking niet meer voldoen.
Pas vele jaren na zijn dood werden de 4e, 3e en 2e Symfonie voor het eerst uitgevoerd, de laatstgenoemde zelfs pas in 1914. Ook zijn opera's werden tijdens zijn leven maar nauwelijks op de planken gebracht. Tegenwoordig wordt hij beschouwd als de belangrijkste Zweedse componist van de 19de eeuw.